Kabinet wil alle opties openhouden bij intelligent en autonoom rijden

Voor de communicatie tussen voertuigen, infrastructuur en andere weggebruikers mag er geen voorrang worden gegeven aan één specifieke techniek. Dat stelt het Nederlandse kabinet in een brief aan de Europese Commissie. “We willen iedere technologische ontwikkeling de kans geven en we willen zoeken naar een optimale inzet of combinatie.” Hierbij moet Europa ook rekening houden met de ontwikkelingen van autonoom vervoer.

Minister Cora van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat schrijft dit in een reactie op de openbare raadpleging van de Europese Commissie over coöperatieve intelligente vervoerssystemen, afgekort C-ITS. Voor de communicatie tussen voertuig, infrastructuur en andere weggebruikers zou de Europese Commissie de nadruk nu nog op ‘ITS G5’ leggen, terwijl het volgens het kabinet ook mogelijk is om gebruik te maken van de bestaande 3G- of 4G-netwerken.

“De snelheid en onzekerheid van marktontwikkelingen stelt hoge eisen aan flexibiliteit, adaptiviteit, robuustheid en effectiviteit van zowel beleid als uitvoering”, aldus de minister. “De opkomst van meer geautomatiseerde voertuigen, vraagt ook om duidelijkheid over de benodigde connectiviteit en daarover bestaat momenteel nog veel discussie.”

Korte en lange termijn

Nederland wil op korte termijn technologie inzetten die al breed beschikbaar is, zoals 3G en 4G. “Daarmee kunnen we nu al de effecten realiseren voor veiligheid en doorstroming. Voor de lange termijn zetten we in op een slimme combinatie van short- en longrange technologie die meer geautomatiseerd verkeer optimaal kan ondersteunen.”

Overigens benadrukt het kabinet ook het belang van standaardisatie over de landsgrenzen heen. De minister verwijst onder meer naar de Verklaring van Amsterdam, waarin Europese lidstaten hebben toegezegd samen te werken op het gebied van de wet- en regelgeving voor zelfrijdende auto’s op de Europese wegen. Ook benadrukt de minister het belang van het testen van toepassingen voordat deze op grote schaal kunnen worden ingevoerd. “Dat is nodig om te voldoen aan de verwachtingen van burgers en gebruikers van diensten en producten. Het kan ook bijdragen aan de keuzevrijheid en concurrentiekracht op de mobiliteitsmarkt.”

Nederland zal hoe dan ook de doorontwikkeling van ITS-G5 ondersteunen. “Dit ook omdat de voor ITS-G5 te ontwikkelen kaders en afspraken voor een belangrijk deel de basis leggen voor andere technologieën met als randvoorwaarde dat deze kaders dus ook backwards compatible zijn voor andere specifieke technologieën.”

Platooning

Het kabinet hecht naar eigen zeggen veel waarde aan een goede connectiviteit. Hiermee kan de toename van het wegvervoer worden opgevangen en vooral de verkeersveiligheid worden verbeterd. Voertuigen kunnen hiermee op een veilige, korte afstand van elkaar rijden (platooning) in drukke gebieden. “Ook als hooggeautomatiseerde voertuigen op de weg komen, zullen die in drukke gebieden veilig kort achter elkaar moeten kunnen rijden, soepel in- en uitvoegen en snel moeten kunnen anticiperen op kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals fietsers.”

Voertuigen die via een mobiel netwerk zijn verbonden met andere weggebruikers en infrastructuur, kunnen een positief effect hebben op de doorstroming van het verkeer, de uitstoot en verkeersveiligheid. Automobilisten krijgen bijvoorbeeld een waarschuwing voor langzaam of stilstaand verkeer, wegwerkzaamheden, weersomstandigheden of een naderend voorrangsvoertuig. Ook kunnen verkeersborden in het voertuig worden weergegeven; net als de snelheidsbeperkingen en snelheidsadviezen bij een groene golf.

Lees ook:

Wil je ook elke week de gratis nieuwsbrief van Zelfrijdend Vervoer ontvangen? Vul hier jouw e-mailadres in:

Auteur: Nadine Kieboom

Nadine Kieboom is redacteur voor ZelfrijdendVervoer.nl en RijschoolPro.nl

Reageer ook

Nog maximaal tekens

Log in via een van de volgende social media partners om je reactie achter te laten.